Door ISO Algemeen op 17 juni 2015

Verbetering medezeggenschap: taak van minister, bestuurders en medezeggenschap zelf

Vandaag presenteert het ISO de resultaten van de eerste landelijke medezeggenschapsmonitor op de Dag van de Medezeggenschap. Het ISO heeft deze monitor opgezet in overleg met diverse partijen (VSNU, Vereniging Hogescholen, LSVb, LOF, SOM, VMH, LOVUM). Al langer pleit het ISO voor verbeteringen in de medezeggenschap. Deze monitor is een handvat voor vele partijen in het hoger onderwijsveld om de nodige verbeteringen eindelijk in gang te zetten. Het ISO benadrukt vandaag dat er taken zijn weggelegd voor medezeggenschappers zelf, bestuurders maar ook voor de minister. Wat betreft het ISO zet de minister stappen op het gebied van bestuursbenoemingen, scholing en juridische ondersteuning en kijken bestuurders samen met medezeggenschappers naar afspraken over tijdsbesteding, vergoeding, studiecompensatie en scholing en benodigde rechten. Medezeggenschappers kunnen tenslotte meer om scholing vragen en het gebruik van het initiatiefrecht vergroten. Uiteraard blijft het ISO, zoals al jaren, zich ook inzetten om medezeggenschappers te ondersteunen. Zo richtte het ISO onlangs nog een Kennisplatform op.

Minister
Duwtje richting cultuurverbetering nodig

16 juni 2015 kaartte het ISO het tijdens de jaarlijkse StudentenKamer al bij de minister aan: centrale en decentrale raden moeten meer betrokken worden bij het gesprek over de kwaliteit van hun opleidingen. Wat het ISO betreft is dit het moment waarop ook de minister stappen moet gaan zetten. Er wordt al een hele lange tijd over verbeteringen binnen de medezeggenschap gesproken en vaak wordt verwezen naar een nodige cultuurverbetering. In 2005 benoemde toenmalig staatssecretaris Mark Rutte en in 2008 toenmalig minister Ronald Plasterk al dat een cultuurverbetering nodig was. Tien jaar later spreken we nog steeds over deze nodige verbetering. Blijkbaar is er wel een duwtje in de goede richting geen overbodige luxe.

Ook de medezeggenschapsmonitor bevestigt de behoefte aan actie van de minister. Raadsleden spreken zich namelijk kritisch uit over het moment waarop zij betrokken worden bij belangrijke beleidsaangelegenheden, evenals over het moment dat zij informatie ontvangen én over de mate waarin de informatie in hun ogen volledig of toereikend is. Een meerderheid van de raadsleden is van mening dat deze zaken zeker niet altijd of meestal het geval zijn. Juist die vroegtijdige betrokkenheid is volgens het ISO essentieel. Een op de vijf raadsleden geeft maar aan dat in hun ogen de bestuurder de raad vooral als partner bij organisatie- en beleidsontwikkeling ziet.  Wat dit betreft loopt de sector van het hoger onderwijs niet voorop, een gemiste kans vindt het ISO. De meeste raadsleden zijn daarnaast van mening dat hun raad slechts een beperkte invloed heeft op de algemene gang van zaken in hun instelling.

Bestuursbenoemingen

Wat het ISO betreft is het nu aan de minister om een rol spelen in het geven van dit duwtje in de goede richting, het duwtje richting een cultuurverbetering. De wet versterking bestuurskracht is hiervoor een kans die minister Bussemaker wat het ISO betreft niet kan laten liggen. Ze noemde tijdens de StudentenKamer dat de medezeggenschap adviesrecht krijgt op bestuursbenoemingen en profielen van bestuurders. Het ISO vindt dat dit niet ver genoeg gaat. Al bij de start van een bestuurder kan een verschil worden gemaakt. Formeel krijgt de raad adviesrecht op de benoeming maar in praktijk kan de raad weinig anders dan deze bestuurder accepteren. Daarom moet in de sollicitatieprocedure van een bestuurder de studentengeleding het recht hebben een student uit eigen geleding, of een oud-studentraadslid aan te dragen om onderdeel te zijn van de benoemingsadviescommissie. Hiermee wordt direct naar nieuwe bestuurders uitgedragen dat medezeggenschap belangrijk is en serieus genomen moet worden.

Minimale basis voor (onafhankelijke) scholing

Lidorganisaties van het ISO geven aan dat de voorwaarden waaraan scholing moet voldoen jaarlijks verschilt en ook per jaar bekeken moet worden. Wel geven ze aan dat een minimale basis voor elk raadslid van belang is voor het goed uit kunnen voeren van de medezeggenschapstaak in de vorm van juridische en financiele scholing. In de monitor komt terug dat juist deze twee vormen van scholing het minst voorkomen. Daarnaast vindt bijna een kwart (23%) de scholingsmogelijkheden niet voldoende en 7 procent stelt geen scholingsmogelijkheden te hebben terwijl die eigenlijk wel nodig zouden zijn. Bijna een op de drie raadsleden (30%) is hier dus niet tevreden over. In praktijk zijn de verschillen tussen de hoeveelheid, de soort en de kwaliteit van de scholing immens.

Het ISO is daarom van mening dat in de WHW een minimale basis opgenomen wordt. De basis behelst volgens het ISO minimaal:

  • Juridische scholing over de WHW
  • Scholing zodat kennis vergaard wordt over het interne verdeelmodel / intern bekostigingsmodel van de instelling;
  • Scholing zodat kennis vergaard wordt over het lange termijn instellingsplan;
  • Scholing zodat kennis vergaard wordt over hoe een begroting te lezen.

Ten slotte moet het voor medezeggenschappers te allen tijde mogelijk zijn onafhankelijke scholing te organiseren zodat wanneer de raad een oordeel moet vellen over de hoofdlijnen van de begroting of de begroting zelf zij deze niet verplicht uitgelegd krijgen door degene die de begroting zelf heeft opgesteld.

Jurdische ondersteuning

Ten slotte gaf maar minder dan de helft van de raadsleden (41%) in de monitor aan dat juridische ondersteuning voor hun raad voldoende beschikbaar is. Een grote groep, namelijk 44 procent, zegt dat hun raad er niet over beschikt. Daarnaast zegt nog eens 14 procent van de raadsleden dat ze wel faciliteiten voor juridische ondersteuning hebben, maar dat die niet toereikend zijn. Al met al is een op de drie raadsleden op dit punt niet tevreden. Het ISO kijkt graag met de minister naar een mogelijkheid om landelijke, onafhankelijke juridische ondersteuning mogelijk te maken.

Bestuurders

Ga het gesprek aan met de medezeggenschapsraad, organiseer een zogenaamd ‘benen op tafel gesprek’ waarbij medezeggenschap en bestuur vanuit gezamenlijk belang kijken naar mogelijke verbeterpunten. Het ISO legt na vandaag expliciet de spreekwoordelijke ‘bal’ neer bij bestuurders op de instelling. Belangrijk is het om het niet alleen bij een gesprek te laten. Binnenkort ontvangt elke instelling ook een eigen benchmark naar aanleiding van de medezeggenschapsmonitor. Deze benchmark kan een goede basis zijn om concrete actiepunten voor verbetering te formuleren. Zo wordt in de monitor aangegeven dat er meer tijd aan medezeggenschapstaken wordt besteed dan afgesproken en dat er eigenlijk nog meer nodig is. Verder verschilt de compensatie voor medezeggenschappers heel erg. Zo wordt op hogescholen maar erg weinig gebruik gemaakt van studiecompensatie zoals bestuursbeurzen (26% vs. 49% bij universiteiten).Daarnaast gaf bijna de helft (48 procent) van de leden van centrale raden in de monitor aan dat er afgelopen raadsjaar minder dan twee keer contact met de raad van toezicht is geweest terwijl dit toch wettelijk verplicht is, zijn medezeggenschappers vaak ontevreden over juridische ondersteuning en komt juridische en financiële scholing het minst voor terwijl dit toch de basis is voor het goed kunnen uitvoeren van de medezeggenschapstaken.

De wet is een minimum, geen afvinklijstje. Het is aan u om samen met de raad te kijken welke rechten nodig zijn. Denk bijvoorbeeld aan instemmingsrecht op instellingscollegegelden, de gehele begroting of kijk naar het standaard opnemen van studentleden in de benoemingsadviescommissies van nieuwe bestuurders.

Medezeggenschappers

Ga het gesprek aan met de bestuurder, zoals hierboven vermeld. Vraag om goede scholing, uit de monitor bleek dat niet alle scholingsdagen worden gebruikt en dat is zonde. Evalueer jullie contact met je achterban en bespreek met elkaar of het nodig is meer aandacht te besteden aan de bekendheid van jullie als raad. 29% van de raadsleden gaf in de monitor namelijk aan dat er één of meerdere vacante zetels zijn. Ten slotte een tip om je invloed te vergroten: maak gebruik van het initiatiefrecht. Dit is het recht om een voorstel in te dienen waarop het bestuur binnen drie maanden formeel moet reageren. Zo kun je zelf de agenda bepalen en je eigen ideeën werkelijkheid zien worden. Bijna een kwart van de raadsleden van de medezeggenschapsmonitor stelt dat hun raad dit geheel niet heeft gedaan. Een derde van de raadsleden weet niet hoe het in hun raad hiermee gesteld is.

Wil je meer tips en informatie? Kijk op het kennisplatform van het ISO.

Het ISO

Het ISO organiseert al jaren voor zijn lidorganisaties vele trainingen, werkgroepavonden en een best practicedag. Dit jaar richtte het ISO een digitaal Kennisplatform op om raden op elk moment dat het hen uitkomt te voorzien van nuttige informatie. Ten slotte initieerde het ISO de landelijke medezeggenschapsmonitor. Het ISO zal zich blijven inzetten om medezeggenschappers zo goed mogelijk te ondersteunen en continueert de medezeggenschapsmonitor in ieder geval de aankomende twee jaren.