Door Jan Sinnige op 10 september 2016

Studenten sturen negatief studieadvies in tweede jaar definitief de laan uit

Utrecht, 10 september 2016 – Bij het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) en het Landelijk Studentenrechtsbureau (LSR) knalt de kurk en klinken de glazen. Vandaag is een definitief einde gekomen aan het Bindend Studie Advies (BSA) in het tweede jaar. Minister Bussemaker stuurt daarover vandaag een brief aan de Tweede Kamer. ISO-voorzitter Jan Sinnige: ‘Er is voor eens en voor altijd een einde gekomen aan het onrecht dat studenten is aangedaan.’

In de brief gaat de Minister in op de onrechtmatige constructies die instellingen hebben opgetuigd. Bussemaker schrijft: ‘Ik wil er duidelijk over zijn dat studenten onder geen beding de dupe mogen worden van regelingen binnen de instelling die niet conform de wet zijn vormgegeven’

Begin juni van dit jaar stuurden het Landelijk Studenten Rechtsbureau en het Interstedelijk Studenten Overleg een brief naar de Tweede Kamercommissie van Onderwijs Cultuur en Wetenschap, met daarin de constatering dat het BSA in het tweede jaar door meerdere instellingen onrechtmatig werd uitgedeeld. Vandaag kwam daar reactie op, in twee brieven.​  De brief van het ISO en het LSR was naar aanleiding van een interview met onderwijsrechter Olivier, waarin hij stelde dat onderwijsinstellingen met het BSA aan de haal zijn gegaan. Voorzitter van het LSR, Laura Jacobs: ‘We hebben tientallen studenten die onrechtmatig waren verwijderd op hun studie gehouden.’

Ook Tweede Kamerleden Mohammed Mohandis (PvdA) en Paul van Meenen (D66) zijn blij dat zoveel instellingen hun BSA gewijzigd hebben. Mohandis: ‘De student heeft teruggekregen waar hij recht op heeft. Studenten kunnen nu niet meer zomaar worden weggestuurd omdat een instelling dat wil. Hierdoor weet je als student na één jaar precies waar je aan toe bent.’

D66- Kamerlid Van Meenen vult aan: ‘D66 heeft zich altijd verzet tegen een BSA in hogere studiejaren. Een BSA is alleen verdedigbaar in het eerste studiejaar, om studenten duidelijk te maken of zij een kansrijke studiekeuze hebben gemaakt.’