Door Jan Sinnige op 25 oktober 2016

Prestatieafspraken: van fabriceren naar leren

 

Utrecht, 25 oktober 2016 – Zes hogescholen worden mogelijk gekort op financiering. Dat zou de consequentie kunnen zijn van de oordelen van de Reviewcommissie Hoger Onderwijs, die vandaag gepubliceerd zijn. De mogelijke korting is vooral te wijten aan te een te grote uitval en te weinig rendement. Het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) is zeer kritisch op de indicator rendement. ISO-voorzitter Jan Sinnige: ‘het idee van prestatiebekostiging is in de basis goed, maar de rendementsmaatregel is ronduit pervers. De focus op studiesucces is eenzijdig en vooral cijfermatig. We stomen studenten klaar voor de samenleving, het zijn geen robots uit leerfabrieken.’

‘Vergeet niet dat naast de prestatiebekostiging de financiering van universiteiten sowieso al gebaseerd is op andere rendementsprikkels,’ aldus Sinnige.  De Reviewcommissie benadrukt dat vooral hogescholen met een diverse instroom moeilijkheden hebben met de rendementscijfers: 27% van de studenten valt uit. Sinnige: ‘Er is bij aanvang van de prestatieafspraken een te nauwe definitie van studiesucces en rendement gehanteerd. Gelukkig heeft de reviewcommissie iets breder gekeken dan alleen de cijfers en heeft zij ook oog gehad voor het belang van kwaliteit.’

Prestatiebekostiging in de basis goed

Ondanks de te smalle definitie van studiesucces is het ISO een voorstander van een vorm van prestatiebekostiging en onafhankelijk toezicht op een structurele kwaliteitsslag. Dit is ook wat de reviewcommissie concludeert: door de prestatieafspraken is er is meer aandacht gekomen voor de kwaliteit van onderwijs en dit heeft tot concrete resultaten geleid: meer didactisch vaardige docenten, meer contact voor studenten en minder kosten voor bureaucratie. Sinnige: ‘Maar als je het doet, moet je het wel goed doen. Een focus op kwaliteit, niet alleen maar op technische key performance indicators. Het gaat om onderwijs, niet om excel-sheetmanagement.’

Betrokkenheid van studenten en docenten onontbeerlijk

Bij het opstellen en monitoren van nieuwe afspraken moeten studenten en docenten betrokken worden. Bij de afgelopen afspraken hebben zij te weinig aan tafel gezet, zo blijkt uit verschillende onderzoeken onder de medezeggenschap. Sinnige: ‘Als er een nieuwe ronde komt, moet dat anders. Studenten en docenten op de werkvloer moeten vanaf moment één betrokken worden. Op die manier had veel van de huidige kritiek voorkomen kunnen worden.’