Door ISO Algemeen op 05 december 2013

Maatschappelijk signaal tegen bezuiniging op ov-studentenkaart

Beste Kamerleden,

Vandaag praat u in de Tweede Kamer over het leenstelsel. Een belangrijke moment om keuzes te maken over een leenstelsel en daarmee de afweging te maken voor een inhoudelijke, of financiële studiekeuze voor studenten. Bij de studiekeuze speelt mobiliteit een belangrijke rol. Studenten moeten kunnen studeren, daar waar de beste opleiding voor hen is. Het is belangrijk dat iedere student op de juiste plek terecht komt. Daarbij mogen reiskosten geen financiële beperkingen opleggen aan studenten en daarom is de ov-studentenkaart essentieel. Meerdere malen is, in samenwerking tussen de studentenorganisaties en onderwijsinstellingen, reeds aandacht gevraagd voor deze mobiliteitskeuze voor studenten. In dit artikel vragen wij, namens alle studenten en het maatschappelijk middenveld nogmaals aandacht voor de toekomst van de ov-studentenkaart.

Toegankelijkheid van het onderwijs dient op meer manieren gewaarborgd te blijven: mobiliteit is daar één van de componenten van. De ov-studentenkaart zorgt ervoor dat studenten de onderwijsinstelling van hun voorkeur kunnen kiezen, een stage naar wens kunnen lopen en op meer vestigingen onderwijs kunnen volgen. Op deze manier kunnen instellingen zich ook daadwerkelijk profileren. De specialisatie van instellingen zorgt ervoor dat studenten meer zullen moeten reizen om de studie van hun keuze te kunnen bereiken en dan moeten studenten daar wel de mogelijkheid voor krijgen.

Niet alleen voor studenten is het behoud van de ov-studentenkaart belangrijk. Er treden ook andere negatieve maatschappelijke effecten op. Er zullen negatieve milieu effecten zijn door een toename van het aantal auto’s (vanwege 900 miljoen extra autokilometers) en de daarmee gepaard gaande filevorming. Als studenten tijdens hun studie uit het openbaar vervoer wegblijven, zullen zij daar in de toekomst ook minder gebruik van maken. En doordat de vervoersbedrijven een daling van 355 miljoen euro per jaar tegemoet zullen zien (dat is 10 tot 12,5 procent van de totale reizigersopbrengsten), zal er verschraling van het openbaar vervoer optreden. De dienstverlening zal verminderen en de prijzen zullen stijgen, daarmee betalen ook andere OV-reizigers de rekening. Ook het aantal arbeidsplaatsen in de OV-sector zal dalen. En werkgevers zullen meer moeten gaan betalen voor stages. Verder noemen wij de mogelijke druk op de studentenhuisvesting: er zullen 50.000 studenten extra op kamers gaan terwijl er nu al een groot kamertekort is. Daarnaast zullen steden volstromen door toename van fietsers, waardoor er forse investeringen in fietspaden en stallingen nodig zijn. Daarmee stijgen de kosten voor decentrale overheden. De bezuiniging bij de staat leidt daarmee tot een stijging van de kosten bij andere overheden.

Niet alleen studenten, maar het brede maatschappelijke middenveld roept dan ook op tot behoud van de ov-studentenkaart. Op deze manier houden we studeren toegankelijk en wordt de kwaliteit van het onderwijs verbeterd. Wij hopen dan ook dat u het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap wil oproepen om het contract met de vervoerders te verlengen.

Hoogachtend,

Ruud Nauts
Voorzitter ISO

Jorien Janssen
Voorzitter LSVb

Michiel Steegers
Voorzitter JOB

Namens,

Jong KNV
De Spoor-, Stad- en Streekvervoerders