Door ISO Algemeen op 24 augustus 2015

Studenten met studieschuld verrast door deurwaarder

De NOS bracht gisteravond het bericht dat één op de vijf oud-studenten een wanbetaler is. “Deze cijfers zijn reden tot zorg”, aldus Linde de Nie, voorzitter van het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO). “Zeker aangezien het aantal lenende studenten en de hoogte van hun lening door het leenstelsel alleen maar verder zullen stijgen.” Het is belangrijk dat DUO zijn zaken beter op orde krijgt. De Nie: “32.000 onvindbare studenten is een alarmerend aantal en roept vraagtekens op over hoe DUO de oud-studenten met een studieschuld weet te bereiken.”

Verrast
Een deel van de oud-studenten loopt een betalingsachterstand op doordat ze de aanmaningen vanuit DUO niet zien, hierdoor weten ze niet dat ze moeten betalen. Zo kan het zijn dat studenten de post van DUO alleen in hun digitale inbox te zien krijgen. Niet alle studenten krijgen daarover een e-mail, dat gebeurt pas als ze het zelf hebben aangegeven bij DUO. Zeker met het oog op het leenstelsel moet dat verbeterd worden. De Nie: “Het moet niet zo kunnen zijn dat studenten verrast worden door een plotselinge betalingsachterstand.” Daarnaast verneemt het ISO met verbazing dat DUO pas onlangs heeft besloten om de laatste aanmaning niet per e-mail te versturen maar met de post. De Nie: “Dat moet beter kunnen. De communicatie over de studieschuld van oud-studenten werkt niet voldoende. Het is aan DUO om studenten pro-actiever te informeren.”

Proactief informeren
Het ISO pleit ook voor betere voorlichting over de draagkrachtregeling, die het voor oud-studenten mogelijk maakt om naar draagkracht terug te betalen. De Nie: “DUO geeft zelf aan dat studenten dat niet doen uit onwetendheid. Dan ligt er bij DUO een duidelijke taak om die onwetendheid weg te nemen.” Daarnaast speelt bewustwording van studenten over leengedrag een belangrijke rol, De Nie: “Ook is het van groot belang om via voorlichting de eigen verantwoordelijkheid van studenten over hun leengedrag én de consequenties daarvan zo vroeg mogelijk aan te spreken.”