Een verhuurder kan een kamer specifiek als studentenwoning verhuren door middel van een campuscontract. Een campuscontract is een huurovereenkomst waarin is opgenomen dat de huur kan worden beƫindigd na afronding van de studie. De woonruimte kan vervolgens aan een andere student worden verhuurd.
Een verhuurder mag in dat geval jaarlijks een bewijs van inschrijving verlangen. Een huurder heeft dan drie maanden de tijd om hieraan te voldoen.
Op grond van art. 7:274 lid 4 BW kan de rechter alleen een verzoek tot opzegging van het huurcontract door de verhuuder toewijzen, indien de verhuurder aannemelijk maakt dat hij het verhuurder zo dringend nodig heeft dat zijn belang boven dat van de huurder gaat.
Deze opzeggingsgrond kan voor het campuscontract alleen door de verhuurder worden gebruikt op voorwaarde dat:
-de woonruimte opnieuw aan een student zal worden verhuurd;
-de woonruimte krachtens de huurovereenkomst bestemd is voor studenten;
-de huurder niet heeft voldaan aan het verzoek om jaarlijks een bewijs van inschrijving te laten zien aan de verhuurder.