Op 26 januari 1974 werd in Amsterdam het ISO (Interuniversitair Studenten Overleg) opgericht als een landelijke koepel voor een vijftal universiteitsraden uit verschillende steden in Nederland. Deze studenten hadden de behoefte om bepaalde kwesties met collega-studentbestuurders uit andere steden te bespreken en informatie en ervaringen uit te wisselen. Op deze manier konden zij hun eigen positie op de instelling versterken. Al snel breidde het ISO zich uit en vertegenwoordigde het studenten uit heel universitair Nederland. In 1995 veranderde het ISO zijn naam Interuniversitair Studenten Overleg in Interstedelijk Studenten Overleg. Sindsdien vertegenwoordigt het ISO ook de hbo-studenten in Nederland op landelijk niveau.

De eerste jaren
In de eerste jaren was het ISO niet meer dan een koffer met wat documenten. Het bestuur kwam hooguit een keer per maand samen en dan ging die koffer open. De notulen werden met een typemachine door de secretaris uitgetypt met een carbonpapiertje voor de nodige doorslagen. Beurzen voor studentbestuurders, verstrekt door het ministerie, kende men in de jaren ’70 niet. De politiek van het ministerie van Onderwijs van die tijd had nog niet echt kennis gemaakt met het poldermodel en dus was het subsidiëren van je eigen oppositie niet aan de orde. De vergaderingen vonden meestal plaats in Utrecht in het Academiegebouw, omdat dat centraal en gratis was. Een voorzitter was er niet want het ISO had geen formele structuur, door gebrek aan geld was er ook geen penningmeester nodig.

Eind jaren ’80 was voor het ISO een opmerkelijke tijd. Door immense bezuinigingen op het hoger onderwijs waren er veel studentenprotesten. Vanaf zijn oprichting had het ISO het nog nooit zo druk gehad. De oorzaak lag bij het beleid van het ministerie van Onderwijs dat samen met de invoering van de studiefinanciering, HOOP en het wetsvoorstel Harmonisatie Collegegelden veel aandacht vroeg van het ISO. Het werd tijd om de zaken serieus aan te pakken en na een bezoek aan een notaris was de vereniging ISO een feit.

Vooral de Harmonisatiewet stuitte op veel tegenstand. Daarom werd op 1 december samen met de LSVb en de LKvV, onder de naam LAS (Landelijke Aktie Studenten), met 40.000 studenten de grootste studentendemonstratie ooit opgezet. Met als resultaat de ISO-voorzitter op het  acht uur journaal. De discussie over de Harmonisatiewet werd in de Tweede Kamer uitgesteld tot juni 1988. Uiteindelijk werd de Harmonisatiewet gedeeltelijk gewijzigd aangenomen door de Tweede Kamer. Ook liet een bekend Eerste Kamerlid in de pers weten dat de Harmonisatiewet de slechtste wet  was die de Tweede Kamer ooit had vastgesteld.

De professionalisering zette door. Begin jaren ’90 begon er een nieuwe periode voor het ISO. Het ISO en al zijn contacten ondergingen een professionaliseringskuur en de media werden aangewend. Door het instellen van commissies werd het werk steeds intensiever; werkweken van 40 of 50 uur waren voor het bestuur geen uitzondering. Voor het eerst had het ISO een aantal fulltime bestuursleden. Maar de kennis van deze mensen zat met name in hun hoofd. Dit veranderde met het eerste ISO-kantoor aan de Oudegracht in Utrecht, een professioneel bureau waar de bestuurders dagelijks werkten.

Naamswijziging
In het jaar ’95-’96 onderging het Interuniversitair Studenten Overleg een verandering die zijn karakter en doelstellingen voorgoed wijzigde. Interuniversitair Studenten Overleg werd Interstedelijk Studenten Overleg; dit omdat het ISO er ook wilde zijn voor het hbo. Het was alleen nog lastig om het plan om het hbo toe te voegen om te buigen naar concrete samenwerking met hbo-organisaties. Dit ging in het begin dan ook moeizaam. Vanuit persoonlijke netwerken en op incidentele basis ondersteunde het ISO een aantal hbo-organisaties. In korte tijd, mede door hbo-commissies werden vele hogescholen benaderd en werd het ISO een volwaardige partner voor alle betrokken partijen in het hoger onderwijsveld op het gebied van hbo.

Doordat nu ook de belangen van het hbo werden behartigd had het ISO een grote achterban vergaard. Maar student zijn is meer dan studeren alleen en om zo goed mogelijk inzicht in en betrouwbare toegang tot alle facetten van het studentenleven en de studieloopbaan te krijgen besloot het ISO een convenantschap te sluiten met de LKvV (Landelijke Kamer van Verenigingen). De afspraak was dat beide organisaties elkaar van informatie zouden voorzien en dat het ISO de belangen van de LKvV zou vertegenwoordigen in de studentenkamer. Ook zouden daar waar mogelijk gezamenlijke projecten worden gestart. Het ISO vaardigde jaarlijks een dubbelfunctionaris af die zich verdienstelijk maakte voor de LKvV.