Het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) is verheugd te zien dat minister Plasterk de door het ISO aangedragen punten heeft meegenomen in de beleidsnotitie ‘naar een volwassen bachelor-master structuur.’ Het ISO plaatst echter wel vraagtekens bij de vrijblijvendheid waarmee de eisen aan de universiteiten zijn geformuleerd. Voorzitter Hidde Terpoorten: “Als de minister van de studenten verwacht dat zij een strakke deadline voor het halen van hun diploma hanteren, mag hij zeker ook eisen dat universiteiten hun zaakjes op orde hebben.”
Het doel van de verandering van de BaMa - structuur is het belangrijker maken van het keuzemoment tussen bachelor en master. Volgens het ISO staan onduidelijke toelatingseisen voor de masteropleiding een goede keuze in de weg. Het ISO eist van de minister dat hij de universiteiten verplicht voor 1 september 2009 de toelatingseisen voor masteropleidingen helder en volledig te publiceren. Het invoeren van de ‘harde knip’ zonder heldere toelatingseisen is een halve maatregel en is funest voor een goede studieloopbaanplanning van studenten.
Tevens denk het ISO dat de manier waarop de minister de ‘harde knip’ wil invoeren te rigoureus is en dat het onnodige en onwenselijke studievertraging oplevert. Volgens het voorstel moeten studenten eerst de volledige bachelor hebben afgerond voordat ze aan de master mogen beginnen. Een halfzachte knip zoals door de KNAW voorgesteld, is volgens het ISO een betere maatregel. In dat geval mogen studenten wel aan de masterfase beginnen, terwijl ze nog een klein aantal punten van de bachelor moeten halen. Deze halfzachte knip zal, in tegenstelling tot de huidige situatie, ook moeten gelden voor studenten van andere universiteiten en hogescholen en voor internationale studenten. Hidde Terpoorten: “ Een heel jaar studievertraging oplopen omdat je nog maar één vak open hebt staan kan niet de bedoeling zijn.”
Studenten die bestuurswerk doen, aan de medezeggenschap deelnemen of studentondernemer zijn, mogen niet onevenredig hard door de regel worden getroffen. Daarom moeten voor deze groepen studenten uitzonderingen worden opgesteld. Het ISO is blij dat de minister inziet dat studenten zelf het beste zicht hebben op degenen die extra bescherming behoeven. Terpoorten: “Het is een slimme zet van de minister de instellingen en universiteitsraden gezamenlijk deze uitzonderingen te laten bepalen.”
Het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) is verheugd te zien dat minister Plasterk de door het ISO aangedragen punten heeft meegenomen in de beleidsnotitie ‘naar een volwassen bachelor-master structuur.’ Het ISO plaatst echter wel vraagtekens bij de vrijblijvendheid waarmee de eisen aan de universiteiten zijn geformuleerd. Voorzitter Hidde Terpoorten: “Als de minister van de studenten verwacht dat zij een strakke deadline voor het halen van hun diploma hanteren, mag hij zeker ook eisen dat universiteiten hun zaakjes op orde hebben.”
Het doel van de verandering van de BaMa - structuur is het belangrijker maken van het keuzemoment tussen bachelor en master. Volgens het ISO staan onduidelijke toelatingseisen voor de masteropleiding een goede keuze in de weg. Het ISO eist van de minister dat hij de universiteiten verplicht voor 1 september 2009 de toelatingseisen voor masteropleidingen helder en volledig te publiceren. Het invoeren van de ‘harde knip’ zonder heldere toelatingseisen is een halve maatregel en is funest voor een goede studieloopbaanplanning van studenten.
Tevens denk het ISO dat de manier waarop de minister de ‘harde knip’ wil invoeren te rigoureus is en dat het onnodige en onwenselijke studievertraging oplevert. Volgens het voorstel moeten studenten eerst de volledige bachelor hebben afgerond voordat ze aan de master mogen beginnen. Een halfzachte knip zoals door de KNAW voorgesteld, is volgens het ISO een betere maatregel. In dat geval mogen studenten wel aan de masterfase beginnen, terwijl ze nog een klein aantal punten van de bachelor moeten halen. Deze halfzachte knip zal, in tegenstelling tot de huidige situatie, ook moeten gelden voor studenten van andere universiteiten en hogescholen en voor internationale studenten. Hidde Terpoorten: “ Een heel jaar studievertraging oplopen omdat je nog maar één vak open hebt staan kan niet de bedoeling zijn.”
Studenten die bestuurswerk doen, aan de medezeggenschap deelnemen of studentondernemer zijn, mogen niet onevenredig hard door de regel worden getroffen. Daarom moeten voor deze groepen studenten uitzonderingen worden opgesteld. Het ISO is blij dat de minister inziet dat studenten zelf het beste zicht hebben op degenen die extra bescherming behoeven. Terpoorten: “Het is een slimme zet van de minister de instellingen en universiteitsraden gezamenlijk deze uitzonderingen te laten bepalen.”